De geit als communicatietrucje
27 november 2007Het stond er echt: ‘Onze partnerorganisatie ter plekke beslist waaraan het geld wordt uitgegeven. Als er op dat moment geen behoefte is aan kippen of geiten, wordt het geld aan andere basisbehoeften besteed. Anders zouden we iets geven waar niemand iets aan heeft.’ Ik las nogmaals de uitspraak van de Oxfam Novib-woordvoerster bij een artikel in een zaterdagkrant over 25 tips voor goede doelen cadeaus. Ik had het echt ongelogen helemaal goed gelezen. We worden met z’n allen in het ootje genomen. We geven geen geit, we geven gewoon geld.
Laat me eerst even uitleggen waar het over gaat. Via Oxfam Novib kun je een geit, kip, schoolboeken of andere nuttige zaken kado doen aan mensen in ontwikkelingslanden. Top idee, daar hebben die mensen tenminste echt wat aan, aan zo’n concrete gift. Maar het schuurt aan alle kanten. Neem nu zo’n geit. Een prima investering, stelt Oxfam Novib. Want, zo staat te lezen op de website: ‘Je begint met één en voor je het weet heb je een hele kudde. Die kunnen dan weer worden verkocht en van de opbrengst betaal je het schoolgeld van je kinderen. Of je koopt gereedschap.’
Klein zijsprongetje over de ‘logica van de geit’: hoezo begin je er met één en is het ineens een hele kudde? Daar heb je er minstens twee voor nodig, een mannetje en een vrouwtje. En dan nog heb je niet ‘voor je het weet’ een hele kudde. Want de draagtijd van een geit varieert van 148 tot 152 dagen, zeg maar een maand of 5. Een eenjarige geit bevalt hooguit van een tweeling, oudere geiten bevallen doorgaans van een twee- of drieling. Voeg daarbij het gegeven dat een geit slechts bronstig is van het eind van de zomer tot het begin van de winter, en het is duidelijk dat je niet ‘voor je het weet’ een hele kudde hebt. Dat duurt wel een jaar of 3. Dus die kinderen moeten even geduld hebben.
Dit inhoudelijke foutje is nog wel recht te breien. Met een cursus googlen weten ook de Oxfam mensen hoe het zit met de draagtijd van een geit.
Er is iets ernstigers aan de hand. Als gezegd is het een top idee. Je geeft mensen iets waar ze echt wat aan hebben en als gever heb je het idee dat je daadwerkelijk iets bijgedragen hebt. Wat je noemt de klassieke win-winsituatie. Goed bedacht, lijkt het. Het venijn, of moet ik zeggen volksverlakkerij, zit in de staart. Want onderaan de info over alle kadoos staat dat je met de aanschaf bijdraagt aan de werkzaamheden van de verschillende partnerorganisaties. ‘Afhankelijk van lokale omstandigheden kan het geld ook aan andere behoeften worden besteed.’ Niks geit, schoolboek, kip of ander concreet kado. We geven gewoon geld, we zijn gewoon donateurs. Net als vroeger.
Met andere woorden, ons kado is een communicatietrucje. Omdat mensen vaak heel concreet willen weten wat er met hun geld gebeurt en niet zomaar willen doneren aan een goede doelen club, is de geit van stal gehaald. En van Foster Parent ( de voorloper van Plan Nederland) heeft Oxfam Novib geleerd dat je niet stiekem iets anders moet doen dan je belooft. Daar word je – terecht overigens - keihard op afgerekend. Maar openheid is iets anders dan een ontsnappingsclausule onderaan je pagina zetten en daar gemakshalve naar verwijzen als er een kritische vraag gesteld wordt.
Natuurlijk moet je als fondsenwervende instelling creatief zijn om donaties binnen te halen. Maar je moet ook eerlijk zijn. Transparant is hét toverwoord in deze branche. Dat vraagt veel meer dan die kleine lettertjes. Dat vraagt dat je heel goed met al je doelgroepen moet communiceren en op basis daarvan een eerlijke en betrouwbare communicatie- en wervingscampagne maakt. Marketing-communicatie mag best binnen een goed doelen club, daar is niets mis mee, maar het moet wel transparant en betrouwbaar zijn. Het moet kloppen.